vrijdag 12 augustus 2016

Veel plezier van deze blogpost!

Ik was afgelopen zondag op de Deventer boekenmarkt, en het viel me sterk op dat de meeste boekhandelaren hun klanten het gekochte boek overhandigden met de wens Veel plezier ervan! Dat vond ik vreemd, want ik was - dacht ik - gewend aan Veel plezier ermee! Ik kon me ook niet herinneren dat ik dit eerder zo vaak, of zo consequent zo gehoord heb. Ik kom al zeker vijfentwintig jaar elk jaar op die boekenmarkt, en er zal in die tijd best wel eens een handelaar Veel plezier ervan! gezegd hebben, maar dan heb ik dat ongetwijfeld toegeschreven aan een verdwaalde variant op het gewone Veel plezier ermee! Dit jaar was er niemand die mij dat laatste wenste. En het ging ook niet alleen om boeken die ik zelf kocht (dan zou je nog kunnen denken dat ik dit jaar minder boeken heb gekocht waardoor mijn waarneming sneller scheefgetrokken kon worden). Ook om mij heen hoorde ik eigenlijk alleen maar Veel plezier ervan! 

zaterdag 14 mei 2016

Danken en wijten

In het radioprogramma De Taalstaat behandelde Tamara Mewe het verschil tussen danken en wijten, en dan met name in de constructie dit is te danken/wijten aan. Fijn, genuanceerd taaladvies, dat de scherpslijpers bevestigde in hun opmerkzaamheid en anderzijds de lankmoedigen de aanknopingspunten bood om op te merken dat hier sprake is van een taalverandering (danken wordt algemeen, en wijten specifiek negatief). Helaas wel een taalverandering die al tientallen jaren gaande is, maar goed.

Je hebt in zo'n radio-item niet echt de tijd om er eens rustig voor te gaan zitten, want het moet allemaal snel de kern raken, maar ik stond na afloop nog even met Tamara te praten, en zij liet me een overzichtje zien van de oordelen van een panel dat geraadpleegd was door het Taaladviesoverleg van taaladvies.net (ja, u denk misschien dat al die taaladviseurs hun wijsheid uit hun duim zuigen, maar er wordt serieus onderzoek naar gedaan). Daar zat een eigenaardigheidje in.

zondag 24 april 2016

De professor en de eenogige schoenmaker

Mijn vader vertelde vroeger vaker een mopje (en dat doet hij nog wel eens), dat hij gehoord had van een oom van mij die een tijdje op het seminarie gezeten had. Het ging over een aantal studenten, een professor en een eenogige schoenmaker.

maandag 21 maart 2016

Een bijzondere goede treinreis

Ik zat in een trein die op het punt stond station Zwolle binnen te rijden, toen uit de intercom het vertrouwde, half verstaanbare geluid van de reisinformatie klonk. Ik verstond nog net hoe de conducteur zijn verhaal afsloot. Hij wenste ons Een bijzondere goedenavond. 

woensdag 2 maart 2016

Dit blog schrijft als een trein

Ik ben geabonneerd op een nieuwsbrief (eigenlijk is het gewoon reclame) van bruna.nl. Daarin stond vandaag een boek aangeprezen als een boek dat je uit leest als een trein.

Misschien dat het me opviel vanwege die ontbrekende spatie, maar er is eigenlijk iets anders dat ik gek vond aan die zin, namelijk dat als een trein in combinatie met je leest.

dinsdag 16 februari 2016

De taalprof forever

Het was een beetje een sneue bedoening hier op 8 februari 2016. Er waren geen postzakken met felicitatiekaartjes bezorgd, in de inbox zaten alleen spamberichten en er zat een spinnenweb tussen toetsenbord en beeldscherm. In de gangen van het weblog ruiste een onheilspellende wind, en af en toe wentelde er een tumbleweed voorbij. Toen de taalprof precies op die dag arriveerde om zelf weer eens een stukje te schrijven moest hij eerst het stof uit zijn koffiebeker blazen terwijl de computer aan het upgraden was vanuit Windows XP.

Ouder worden is natuurlijk ook niet echt een verdienste. Afgezien van het feit dat er tijd in gaat zitten is het een kwestie van stug volhouden en blijven bestaan. Als je niet zelf af en toe op een roltongtoeter blaast heeft niemand je in de gaten.

Er was de laatste tijd natuurlijk ook minder activiteit op het weblog zelf. Een berichtje per maand, dan had je het wel gehad. De taalprof is in de loop van zijn bestaan inmiddels versplinterd in diverse manifestaties: op twitter, op facebook, als reaguurder op Neder-L en in de facebookgroep Leraar Nederlands (en overal waar iemand het woord grammatica opschrijft), in columns in papieren en online tijdschriften (zoals Onze Taal), in lezingen, gastcolleges, DOTs en andere scholingsactiviteiten. Je zou bijna denken dat het een heel bedrijf is, maar het enige bestaande bedrijf met die naam heeft niets met de echte taalprof te maken.

Enfin, dat krijg je er dan van. Dat je tien jaar wordt en dat dit zo onopgemerkt voorbijgaat dat je er zelf geeneens erg in gehad hebt. Zo vergaat de digitale roem, zou je denken. Toch heeft het ook iets troostrijks: door niet meer jarig te zijn is de taalprof tijdloos geworden.

maandag 8 februari 2016

De Taalprof is het allemaal nog niet beu geluisterd

Ha, weer eens een leuke kwestie op twitter! Van @onzetaal ditmaal, die reageert op een zekere @Basvanderveen. Die informeert of @onzetaal bekend is met de uitdrukking iets beu geluisterd zijn. @onzetaal vertaalt dat naar de zin Ik ben die plaat beu geluisterd, en veronderstelt dat het 'de auditieve variant' is van erop uitgekeken. Dat lijkt inderdaad zo ongeveer de betekenis, maar het helpt ons niet verder bij de vraag hoe dit in elkaar zit.

vrijdag 22 januari 2016

Waar stond dat filmpje ook al weer?

Mensen vragen mij wel eens: "Waar stond dat filmpje ook alweer, waar je die leuke vergelijking maakte over de keeper en de persoonsvorm?" Dat filmpje staat hier:


Het is wel even doorbijten om bij die vergelijking te komen, dus je kunt ook doorspoelen.

Of je kunt het stukje lezen waarop die vergelijking gebaseerd is natuurlijk. Dat staat hier. Of je leest een licht vervlaamste versie tussen enkele andere stukjes uit 2014 over grammatica. Dan kun je deze pdf downloaden.

dinsdag 24 november 2015

Nieuws over de K/kerstman

In 2012 schreef ik een blogpost over de spelling van het woord K/kerstman, zoals die op woordenlijst.org voorgeschreven werd. Uit het voorschrift bleek namelijk dat je Kerstman zou moeten spellen als het om "de enige echte" zou gaan, en kerstman als het zou gaan om "iemand die de Kerstman speelt." Zo stond het letterlijk in de woordenlijst. Uit het voorschrift zou volgen dat spelling een geloofskwestie is: als je niet gelooft dat de Kerstman bestaat, moet je altijd kerstman spellen, en omgekeerd, als je Kerstman spelt is dat dus een geloofsbelijdenis, dat je ervan uitgaat dat "de enige echte" bestaat.

In de nieuwe woordenlijst.org is dat gekke voorschrift dan eindelijk aangepast. Ik stel me zo voor dat een team van religiewetenschappers en lexicografen zich over deze netelige kwestie heeft gebogen om een ook voor agnosten en andersgelovigen hanteerbare spelling in dezen te ontwerpen. En de nieuwe regeling waarmee ze zijn gekomen is de volgende: je spelt Kerstman als het gaat om een "figuur in de kersttraditie." Het woord Kerstman staat omschreven als een naam (dus niet als de-woord), maar je hebt wel het verkleinwoord Kerstmannetje ("Hee, Kerstmannetje, jij hier?") en Kerstmannetjes (waar ik me als eigennaam eerlijk gezegd weinig bij kan voorstellen). En verder staat er nog bij: niet te verwarren met kerstman. En kerstman is dan weer een gewoon de-woord, met enkelvoud en meervoud, en met verkleinvormen.

Ik weet niet hoe het de argeloze taalgebruiker vergaat, maar ik kom er niet goed uit. Mag ik nu alleen Kerstman spellen als het woord zonder de wordt gebruikt? Iets als Daar stond Kerstman ineens in de kamer? Dat vind ik wel een raar geval. En waarom staat er dan "figuur in de kersttraditie" als betekenisinformatie bij? En hoezo is een kerstman dan géén "figuur in de kersttraditie"? Of zit er nog steeds iets in van een bedoeld verschil tussen de verwijzing naar een (al dan niet) fictief persoon enerzijds (de Kerstman) en anderzijds een rol (de kerstman) of voorwerp (een kerstmannetje)? Ik vrees eigenlijk het laatste, want dat zou analoog zijn aan K/kerstkind en S/sinterklaas. Daar is de regeling: als je naar de historische persoon verwijst is het met hoofdletter, anders met kleine letter. Maar met de K/kerstman gaat die redenering niet op, omdat er geen duidelijke historische persoon is (vergelijkbaar met de paashaas, die ook nooit met hoofdletter gespeld wordt).

Volgens de woordenboekmakers is de K/kerstman toch iets anders dan de P/paashaas, ik denk omdat het om een menselijk persoon gaat, waarvan dus in elk geval de suggestie gewekt wordt dat hij (Hij?) echt bestaat. Maar toch: moet je nou spellen Ik speel dit jaar de Kerstman omdat je dan een rol speelt gebaseerd op de figuur in de kersttraditie, maar Ik ben dit jaar de kerstman omdat je dan de rol zelf aanduidt en niet de figuur? En Dit is een poppetje van het Kerstmannetje omdat het poppetje de bedoeling heeft de figuur af te beelden, maar Dit is een leuk kerstmannetje als je naar dat poppetje zelf verwijst? Zoals gezegd: ik kom er niet goed uit.

Het is dat het einde van het jaar uitnodigt tot inkeer en bezinning op de grote mysteriën des levens, want anders was dit alles natuurlijk onverdraaglijk. Nu schrijf ik het probleem bij op de lange lijst van raadsels waarvan de oplossing mij in het hiernamaals zal worden uitgelegd. 

zondag 8 november 2015

Daar wordt weer eens aan dezelfde deur geklopt

Misschien is het ook wel een eeuwige kwestie: bestaat er wel zoiets als een plaatsonderwerp? Daarover heb ik al in 2007 eens een stukje geschreven, maar zo af en toe loop ik iemand tegen het lijf (een taalkundige, een leraar, of een gewoon mens, dat komt ook voor) die vindt dat het plaatsonderwerp maar een onzinnige term is voor een zinsdeel dat heel goed met de benoeming bijwoordelijke bepaling afgedaan kan worden.